Uitgangspunten meerjaren balans

Voor de meerjarenbalans zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd.

Materiële vaste activa.
De eindbalans van de materiële vaste activa wordt bepaald door de beginbalans 2017 te muteren met de geplande afschrijvingen op investeringen en het toevoegen van nieuwe of vervangingsinvesteringen.

Voorraden.
De eindbalans van de voorraden wordt bepaald door de beginbalans 2017 te muteren met de verwachte kasstroom zoals deze gepresenteerd is in de MPG2017.

Eigen vermogen en voorzieningen.
De eindbalans van de reserves en voorzieningen is gebaseerd op de Reservekeeper 2017.

Vaste schuld met een rentetypische looptijd van een jaar of langer.
Hiervoor wordt het aflossingsschema van de huidige leningenportefeuille gehanteerd. Daarnaast wordt er voor het opstellen van de meerjarenbalans voor 2019 lening van € 20 miljoen opgenomen met een looptijd van 5 jaar.

Immateriële vaste activa, financiële vaste activa, vlottende activa en overlopende passiva.
De Immateriële vaste activa, financiële vaste activa, vlottende activa en overlopende passiva zijn gebaseerd op de gemiddelde balanswaarde over de jaren 2014 t/m 2016.

Netto-vlottende schulden.
De netto vlottende schulden zijn de sluitpost van de meerjarenbalans. Dit omdat zowel de kasgeldleningen als de liquide middelen onderdeel uit maken van deze post.